Boos

Lockdown, week zes. Ik kijk naar mijn foto en zie een zonnige Mathilde, helemaal in het moment. Een groot contrast met hoe ik me nu voel. Ik ben boos, heel erg boos. Op alles en iedereen. Ik werd overprikkeld en met pijn in mijn rug wakker en voel aan mijn bui dat dit mijn dag niet gaat worden. Ik vind alles stom en wil me verstoppen onder mijn dekens, me terugtrekken in mijn veilige holletje, wachtend tot de zon opnieuw opkomt.

Dat stomme bos

Met tegenzin besluit ik dat ik naar het bos moet. Stiekem wil ik me weer zo voelen als op de foto, dus hup mijn bed uit en actie in de tent; in het bos ga ik me vast beter voelen. Met hangende schouders en een diepe zucht sta ik voor mijn vriend. Hij moet lachen om mijn dramatische blik wanneer ik zeg dat ik ga wandelen. “Jij ook met je hoofd, je zit jezelf zo in de weg,” en daar heeft hij helemaal gelijk in. Kon ik mijn hoofd maar even van mijn romp halen, naast me op de grond zetten en genieten van de rust en stilte. Helaas moet ik het ermee doen dus met geklemde kaken en een grote zwarte donderwolk boven me stap ik de deur uit, op naar dat stomme bos.

Het is prachtig weer, de zon schijnt, strak blauwe lucht, het ruikt lekker en de vogeltjes fluiten. Normaal de ingrediënten om mij vrolijk te maken, maar niet vandaag. Ik voel een innerlijke strijd tussen willen wegkwijnen in mijn donderwolk en genieten van wat er buiten allemaal is. Op het moment dat er een vlinder langs vliegt, verschijnt er automatisch een glimlach op mijn gezicht. Voor een paar seconden vergeet ik dat ik boos ben, om vervolgens mijn kaken weer op elkaar te klemmen en verder te stampen. Ik kom langs het bankje waar ik graag wil zitten; tot mijn verbazing zitten er al mensen op. Dit gegeven wakkert mijn boosheid verder aan. Het liefst trek ik ze persoonlijk aan hun haren van het bankje af en schreeuw ik dat ze naar een ander bos moeten gaan! Maar in plaats van mijn boze gedachten uit te voeren, loop ik braaf verder op zoek naar een andere plek.

Dan moet ik plassen, zoals altijd als ik het bos binnen stap. Alsof mijn lichaam letterlijk alles los laat. Ik zoek een boom, doe mijn broek naar beneden en verlies, terwijl ik op mijn hurken zit, mijn evenwicht waardoor ik met mijn hand in een soort bal met stekels terecht kom. Auw! Stom balletje; dat doet pijn! Onhandig kom ik omhoog en trek één voor één de stekels uit mijn vinger. Als ik een moment later ook nog eens over een tak struikel, krijg ik het gevoel dat het bos zich, samen met de rest van de wereld, tegen mij keert. Gelukkig besef ik, net voordat ik mijn boosheid op mijn geliefde bos wil botvieren, dat het bos er natuurlijk niets aan kan doen. Dit zit in mij, in mijn hoofd. Er is iets aan de hand en diep van binnen weet ik allang wat. Er wordt weer gerommeld met mijn basis en vaste structuur.

Grip in de chaos

Gisteravond was er namelijk een persconferentie van Rutte waarin een aantal versoepelingen werden besproken. Zoals het opengaan van het kinderdagverblijf waar ik werk. Direct voelde ik zenuwen en sloeg mijn hoofd op hol. Wat betekent dit voor mij? Wordt nu alles weer normaal? Ik behoor tot de risicogroep dus moet ik werken of niet? Gaat Luuk weer naar de opvang of blijft hij thuis? En hoe zit het met de kinderopvangtoeslag als hij thuis blijft? De structuur die ik in de afgelopen weken voor mezelf heb gecreëerd en waarbinnen ik prima functioneer, werd op zijn kop gezet. En van het idee dat dit de komende periode nog veel vaker gaat gebeuren, raak ik geïrriteerd. Ik voel een enorme weerstand en ben klaar met verandering en aanpassen; voor even wil ik dat alles blijft zoals het is. Een “nee” is voor niemand leuk maar wel duidelijk en helder. Grijze gebieden zorgen voor onduidelijkheid, onzekerheid en in mijn hoofd voor chaos.

Terwijl ik dit overdenk, kom ik een boomstronk tegen waar ik al eerder op heb gezeten. Ik plof neer, doe mijn schoenen en sokken uit, wroet met mijn tenen in het warme zand en kijk uit over de rustige heide. En ineens besef ik me dat dit mijn plek is, mijn plek om even tot rust te komen en mijn hoofd de ruimte te geven om te schakelen. Want dat is wat ik nodig heb: schakeltijd. De informatie die op me af is gekomen, laten bezinken en vervolgens bepalen wat het voor mij persoonlijk betekent. En daarbij niet te ver vooruit kijken, maar afbakenen. Leven tot de datum waarop er weer nieuwe versoepelingen of restricties kunnen komen. Tot die dag blijft alles hetzelfde en verder hoef ik voorlopig niet te kijken. Voorzichtig krijg ik weer grip in de chaos. Boven mijn hoofd begint het op te klaren, subtiele zonnestralen dringen door de donkere wolken heen en het eerste stukje blauwe lucht komt tevoorschijn.

Mathilde is 35 jaar oud en woont samen met haar vriend en zoontje van bijna 2 jaar. Zij heeft ADHD en regelmatig last van hypochondrie (de angst om ziek te worden). Graag geeft zij ons, in deze bizarre tijd, een kijkje in haar leven.

Gepubliceerd door babblogt

Wij zijn Stichting Buitengewoon Actieve Breinen. Als Stichting zijn we maatschappelijk betrokken en actief voor mensen met een diagnose ADHD/ASS en alles wat erbij komt. We zijn zelf mensen met een diagnose ADHD/ASS en alles wat erbij komt, dat is onze grootste motivatie.

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.

Maak je eigen website aan bij WordPress.com
Aan de slag
%d bloggers liken dit: